Versoepelingen voor restpercelen in woonreservegebied vanaf 20 augustus 2026
Het Verzameldecreet Omgeving voert vanaf 20 augustus 2026 versoepelingen in voor bepaalde kleinere of onhandig gevormde percelen in woonreservegebied. De regeling bevat onder meer oppervlaktegrenzen voor afwijkingen van de voorwaarden die bij een vrijgavebesluit gelden.
Woonreservegebied en vrijgavebesluit
Woonreservegebied omvat verschillende soorten gronden die, naast gewoon woongebied, ruimte kunnen bieden voor wonen nadat de gemeente daar uitdrukkelijk over heeft beslist. Een bekende categorie is het woonuitbreidingsgebied.
Voor bebouwing in woonreservegebied is in beginsel een vrijgavebesluit van de gemeente nodig. Daarbij gelden doorgaans voorwaarden inzake functievermenging, groepering van woningen, gedeelde voorzieningen en hoog ruimtelijk rendement. Voor kleine restpercelen tussen reeds bebouwde kavels konden die voorwaarden moeilijk haalbaar zijn.
Een eerder voorstel om restpercelen volledig vrij te stellen van een vrijgavebesluit werd bij de invoering van de regeling in 2023 niet behouden, na een advies van de Raad van State dat verwees naar de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof.
Twee gevallen zonder vrijgavebesluit
Artikel 5.6.10 VCRO bevat voortaan twee bijkomende situaties waarin geen vrijgavebesluit nodig is:
- een omgevingsvergunning die uitsluitend betrekking heeft op de afbraak van een constructie of het vellen van bomen;
- een verkavelingsvergunning waarbij het deel in woonreservegebied volgens de verkavelingsvoorschriften niet bebouwd of verhard mag worden.
Afwijkingen volgens de oppervlakte
Paragraaf 3/1 van artikel 5.6.11 VCRO voorziet afwijkingsmogelijkheden naargelang de oppervlakte. Onder vijftien are, ofwel 1500 vierkante meter, kan gemotiveerd worden afgeweken van de voorwaarden over ruimtelijk rendement, groepering, functievermenging en gedeelde voorzieningen.
Tussen vijftien are en een halve hectare blijft een afwijking mogelijk voor functievermenging en gedeelde voorzieningen. De voorwaarden over ruimtelijk rendement en groepering blijven dan gelden. Boven een halve hectare blijven alle voorwaarden onverkort van toepassing.
Een afwijking moet steeds worden gemotiveerd, onder meer aan de hand van de voorzieningen en woondichtheid in de omgeving. De vrijgave moet bovendien een samenhangend en ruimtelijk afzonderbaar deel van het woonreservegebied betreffen. Kunstmatige opsplitsing van percelen om onder de grenzen te blijven, is dus niet mogelijk.