Veiligheidsverificaties in havens: gevolgen van een negatief advies

De verplichte veiligheidsverificatie geldt voor personen die een kritieke functie uitoefenen in of rond Belgische havenfaciliteiten. De maatregel kadert in de strijd tegen georganiseerde criminaliteit en kan gevolgen hebben voor de toegang tot gevoelige havenzones, vertrouwelijke informatie en bepaalde professionele activiteiten.

Gefaseerde invoering en beoordeling

De Wet van 16 mei 2024 ‘tot wijziging van het Belgische Scheepvaartwetboek en diverse wetten betreffende de scheepvaartregelgeving’ wijzigde het toegangs- en tewerkstellingsbeleid in de Belgische havens. De wet is op 1 juni 2024 in werking getreden. De praktische uitvoering van de veiligheidsverificaties verloopt gefaseerd.

De verplichting geldt volgens de huidige richtlijnen voor nieuwe aanwervingen vanaf 1 januari 2025. Werknemers die reeds in dienst zijn, moeten uiterlijk tegen 30 juni 2027 een veiligheidsverificatie hebben ondergaan. Voor havenarbeiders met een erkenning van bepaalde liep een eerste periode van 1 januari 2025 tot en met 30 juni 2025. Voor havenarbeiders met een erkenning van onbepaalde loopt de periode van 1 januari 2026 tot en met 30 juni 2027.

De Federale Politie, de Veiligheid van de Staat (VSSE) en de Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV) voeren de verificaties uit. Zij raadplegen verschillende databanken en informatiebronnen, waaronder het Rijksregister, de Algemene Nationale Gegevensbank (ANG), gerechtelijke gegevens en internationale databanken zoals Interpol. Daarbij wordt minstens tot vijf jaar voorafgaand aan de verificatie teruggegaan.

Positief advies als voorwaarde

Artikel 2.5.2.98 van het Belgisch Scheepvaartwetboek legt een positief veiligheidsadvies op als vereiste voor het verkrijgen van een administratiefrechtelijke erkenning als havenarbeider. De beoordeling focust op feiten en omstandigheden die een risico kunnen vormen voor de veiligheid en integriteit van de havenomgeving. Naast druggerelateerde feiten kunnen ook andere misdrijven, zoals smokkel, deelneming aan een criminele organisatie of bendevorming, in aanmerking worden genomen. Gewone verkeersovertredingen of geschillen uit de privésfeer hebben in de regel niet dezelfde impact. Elke situatie wordt individueel geëvalueerd.

De Directie-Generaal Scheepvaart deelt het resultaat mee binnen een termijn van dertig dagen. Enkel wie een positief advies krijgt, kan een kritieke functie uitoefenen. Een negatief advies kan voor havenarbeiders leiden tot de intrekking van de erkenning zodra de beslissing niet meer kan worden hervormd door het bevoegde beroepsorgaan.

Beroep tegen een negatief advies

De FOD Mobiliteit en Vervoer brengt de betrokken werknemer op de hoogte van het resultaat en de motivering, onder meer via een aangetekende zending of elektronisch via My eBox. Tegen een negatief veiligheidsadvies kan beroep worden ingesteld bij het bevoegde veiligheidsorgaan. De beroepstermijn bedraagt acht kalenderdagen, met inbegrip van weekend- en feestdagen, na de kennisgeving van het veiligheidsadvies.