AI-verordening: transparantieplichten voor werkgevers vanaf 2 augustus 2026

De AI-verordening treedt gefaseerd in werking. Vanaf 2 augustus 2026 begint een nieuwe fase met transparantieverplichtingen. Tegelijk verschuift de Digitale Omnibus inzake AI de toepassing van bepaalde verplichtingen voor hoog-risico-AI-systemen.

Transparantieverplichtingen

De verplichtingen hangen af van de rol van de betrokken partij als aanbieder of gebruiksverantwoordelijke van een AI-systeem. Werkgevers zullen doorgaans als gebruiksverantwoordelijke worden beschouwd.

Aanbieders moeten ervoor zorgen dat AI-systemen die met personen interageren duidelijk als AI herkenbaar zijn. Voor generatieve AI-systemen moet de output als kunstmatig worden gemarkeerd, bijvoorbeeld door watermarkering.

Gebruiksverantwoordelijken moeten personen informeren wanneer emotieherkenning wordt gebruikt en wanneer gegenereerde of gemanipuleerde inhoud een deepfake is. Generatieve AI-systemen die vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, krijgen tot 2 december 2026 om aan de verplichting inzake watermarkering te voldoen.

Uitstel voor hoog-risico-AI

In principe zouden de verplichtingen voor hoog-risico-AI-systemen uit bijlage III op 2 augustus 2026 van kracht worden. Het gaat onder meer om systemen voor het plaatsen van gerichte vacatures, het analyseren en filteren van sollicitaties en het evalueren van kandidaten.

De Digitale Omnibus inzake AI verschuift deze verplichtingen naar 2 december 2027. Voor hoog-risico-AI in producten uit bijlage I, zoals op AI gebaseerde medische software, wordt de toepassing uitgesteld tot 2 augustus 2028. Volgens de bron houdt dit uitstel verband met onvoldoende tijd, middelen en ondersteuning om de oorspronkelijke deadline te halen.

Andere maatregelen en Belgisch toezicht

De digitale omnibus inzake AI voorziet ook vereenvoudigingen voor small mid caps (smc’s) ondernemingen met van 250 tot minder dan 750 werknemers, onder meer inzake technische documentatie en kwaliteitsbeheer. De verplichting rond AI-geletterdheid blijft bestaan, zonder dat een bepaald niveau wordt vereist. Het gaat om redelijke en passende ondersteunende maatregelen.

Daarnaast worden de mogelijkheden om gevoelige gegevens te verwerken voor biasdetectie verruimd, voor zover strikt noodzakelijk.

In een advies van het Centrale Raad voor het bedrijfsleven (CRB) vragen vakbonden en werkgevers om beter toezicht op AI. Volgens de sociale partners is er onder meer nog geen nationale toezichthouder voor de AI-verordening aangewezen en is duidelijkheid nodig over de bevoegdheidsverdeling tussen het federale niveau en de deelstaten.